Vandaag hadden we de hele dag een auto met chauffeur ter beschikking om de stad mee te verlaten, met als doel het bezoek aan de Killing Fields. Deze plek ligt een kleine 15 km buiten de stad, en is het bekendste massagraf uit de tijd van de Rode Khmer. Het hele land schijnt vergeven te zijn van plekken als deze, zo'n 380, maar omdat het dicht bij Phnom Penh ligt komen de meeste toeristen hier heen. Het grootste massagraf ligt in de grensstreek met buurland Thailand, in een uithoek van het land.
Voor ons was de plek die wij hebben bezocht groot genoeg. Op de plek waar voorheen een Chinese begraafplaats was, is plaatsgemaakt voor de graven van zo'n 20.000 mannen, vrouwen en kinderen. Als we al van graven kunnen spreken: kuilen werden door de gevangen zelf gegraven, waar zij vervolgens zelf in gedumpt werden.
Om de overledenen en de wreedheden te herdenken, is er op de plek in 1989 een stupa gebouwd, opgetrokken uit wit steen . Deze bestaat uit 17 verdiepingen, die geheel gevuld zij met de resten die opgegraven zijn uit de graven. Onderin de kleding, daarboven 4 etages met schedels en op de verdiepingen daar weer boven de ledematen en kaakbeenderen. Het steekt hoog uit boven het landschap.
Het is een vreemd om hier te zijn. De site straalt een zekere rust uit door al het groen en de kippetjes en kuikens die er nu rondlopen. Alleen als je goed kijkt, zie je hier en daar in het looppad een tand of een kledingstuk uit de grond steken. Dit, omdat het aantal beenderen en botten zo groot is, dat het ondoenlijk is alles te bergen.
Hier en daar staat een bord, om duidelijk te maken wat er op die plek gebeurde. Bijvoorbeeld de dikke boom, waar baby'tjes met hun hoofdjes tegenaan gesmeten werden zodat ze in een keer dood waren. Of een afdak, wat de plaats markeert waar de lijken zonder hoofd gevonden zijn. Deze lijken konden min of meer geïdentificeerd worden als leden van het leger van Pol Pot, die zich schuldig gemaakt hadden aan verraad of gewoonweg te lang in het leger gediend hadden en daardoor teveel wisten waardoor zij als dreiging ervaren werden door de top van de Rode Khmer.
In het museum wordt de hele dag door een film gedraaid. Een poging om het verhaal te vertellen van deze plek. Maar ondanks dat je al de informatie tot je neemt, kan je je niet werkelijk voorstellen wat hier voor vreselijks heeft plaatsgevonden. Misschien wel omdat het zo gruwelijk is, dat je je er simpelweg geen voorstelling van kan maken. Het gaat je fantasie te boven.
En terwijl je foto's maakt van de schedels in de stupa, voel je je een ramptoerist, een indringer die hier helemaal niet hoort te zijn.
Enigszins opgelucht dat we de plek kunnen verlaten rijden we weer terug richting stad, om de dag compleet te maken met een bezoek aan S21, het schoolgebouw in de stad dat tijdens het regime dienst deed als gevangenis en waar de verhoren en martelingen van doorsnee Cambodjanen plaatsvond.
Ook hier weer die rare tegenstrijdigheid tussen het heden en verleden. Je ziet de cellen, de martelkamers, de rijen van foto's van mensen van wie je je afvraagt wat hen is aangedaan daar in dat schoolgebouw, en wie nu eigenlijk de slachtoffers waren. Gewone burgers. En wat voor mensen de martelaars. Wat deden al deze mensen voordat het land in een hel veranderde? Welke gekte heeft dit regime ertoe aangezet om de eigen bevolking uit te moorden? Je kan het simpelweg niet bevatten. Natuurlijk is er de uitleg dat Pol Pot terug wilde naar het jaar nul en het land tot een agrarische heilstaat wilde omvormen, waar geen plek was voor intellectuelen. Maar die uitleg volstaat gewoonweg niet.
De enige gedachte die duidelijk door mijn hoofd spookt is dat macht een gevaarlijk ding is, die mensen compleet waanzinnig kan maken. En dat alle beelden van de doden, de martelwerktuigen en het prikkeldraad mij misselijk maken. Dit is geen geschiedenis, zoals de eerste en tweede wereldoorlog dat voor mij zijn: verhalen uit de oude doos. Wat je hier ziet vond plaats terwijl ik levend en wel aan de andere kant van de aarde mijn ding deed. Bizar.
Gelukkig houdt het prikkeldraad mij niet tegen en stap ik zo het gebouw uit, waar de zon schijnt.
Terecht stelt Matthijs de vraag: "Waarom deed de rest van de wereld niets?" Onze slimme zoon legt met die vraag dan toch nog een verband tussen het verleden en heden. Mijn uitleg bestaat uit een standaard uitleg van politieke en economische belangen, of juist de afwezigheid daarvan. Maar welbeschouwd verklaart dat nog niets over het hoe en waarom. En dat zelfs de zogenaamde 'good guy' tot op de dag van vandaag op andere plekken in de wereld met hetzelfde gemak bezig is met praktijken die niet veel zullen verschillen van wat wij hier vandaag hebben gezien. Ik hoop dat hij vooral goed heeft begrepen hoe gevaarlijk het kan zijn, als de massa compleet blind achter de hardste schreeuwer aanloopt.
Matthijs vond het best griezelig wat hij gezien heeft, en zal het waarschijnlijk ook nooit meer vergeten dat hij hier geweest is. Maar dat geldt zonder twijfel voor alle bezoekers.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten